Daar is wél een touw aan vast te knopen

Als je denkt aan de Nederlandse scheepvaart in de 17e eeuw, zie je waarschijnlijk meteen enorme schepen voor je, bolstaande zeilen, zware kanonnen en natuurlijk de beroemde zeeheld Michiel de Ruyter. Waar velen niet aan zullen denken is scheepstouw. Onterecht, want scheepstouw was van levensbelang voor de scheepvaart!

Dekzicht van een VOC-schip naar de grote mast door Jan Brandes. Collectie Rijksmuseum, NG-1985-7-1-144

Kilometers touw

Zonder sterk touw kon een schip vroeger niet varen, manoeuvreren of overleven op zee. Het hield de masten rechtop, bediende de zeilen en zorgde dat schepen veilig konden aanmeren en ankeren. Een schip had soms wel kilometers aan touw nodig. Touwslaan was daarom een essentieel ambacht in de 17e eeuw. Steden als Oudewater, ooit een belangrijk centrum voor de touwindustrie, zijn er schatrijk mee geworden.

Model van een touwslagerij/ lijnbaan. Je ziet een wiel met vier haakjes met daaraan dun touw (strengen). In het midden van de touwen zit een houten klos met gleuven waar de touwen langslopen. Achter de klos komen de touwen in één touw bij elkaar. Aan het einde staat een metalen poortje met een oog waaraan het touw vastzit. Collectie Marinemuseum, B-025-025.

De lange Lijnbaan

Touw werd gemaakt op een zogenaamde lijnbaan: een lange werkplaats van soms wel driehonderd meter. Daar draaiden arbeiders natuurlijke vezels zoals hennep in elkaar tot garen. Deze werden vervolgens gedraaid tot strengen en daarna tot dikke, sterke touwen. Het had ook nadelen, dat natuurtouw. In de regen werd het loodzwaar, het kon gaan rotten en sleet snel. Dus moest daarom voortdurend worden bijgehouden en vervangen.

Kinderen aan het werk

Er werkten vroeger ook veel kinderen mee in de touwslagerijen. Sommigen al vanaf hun vijfde jaar. Zij waren vaak werkzaam als wieldraaier: iemand die een groot wiel aandreef om de vezels samen te draaien. Volgens de overlevering begon ook de Michiel de Ruyter ooit op die manier. Dat is zelfs vereeuwigd in een kinderliedje:

In een blauwgeruite kiel

Draaide hij aan ’t grote wiel

De ganse dag

Maar Michieltjes jongenshart

Leed ondragelijke smart

A ach, a ach, a ach, a ach

 

Als matroosje vlug en net

Heeft hij voet aan boord gezet

Dat hoorde zo

Naar Oostinje, naar de West

Jongens dat gaat opperbest

Hojo, hojo, hojo, hojo

 

Daar staat Hollands admiraal

Nu een man van vuur en staal

De schrik der zee

’T is een Ruiter naar den aard

Glorierijk zit hij te paard

Hoezee, hoezee, hoezee, hoezee!

Van handwerk naar machine

Aan het einde van de 19e eeuw verdween het ambacht van de touwslager langzaam uit het straatbeeld. De industriële revolutie maakte het mogelijk om touw met machines te maken. Dat was sneller en een stuk goedkoper. Het handmatige touwslaan kon daar niet tegenop. Touw zelf is trouwens nog altijd onmisbaar: van moderne zeilschepen tot het aanmeren en slepen van grote schepen. Zonder touw kom je nog steeds nergens.

Kom het zelf proberen!

Benieuwd hoe dat touwslaan er in het echt uitzag? Op dinsdag 18 en donderdag 20 augustus kun je in het Marinemuseum in Den Helder een echte touwslager aan het werk zien én zelf een handje helpen. Precies zoals in de tijd van Michiel de Ruyter! Bezoek onze vakantiepagina en plan snel je uitje.