Karel Doorman

Karel Doorman en zijn koers zonder terugkeer

Misschien stond hij op de brug van de Hr.Ms. De Ruyter toen het bericht binnenkwam. Schout-bij-nacht en eskadercommandant Karel Doorman, starend naar de horizon ergens in de Indische wateren, met de wind in zijn haar en onrust in zijn buik. Wat hij precies dacht en waarom hij de keuzes maakte die hij maakte, zullen we nooit weten. Veel van zijn leven is een reconstructie en zijn dood blijft tot op de dag van vandaag een controverse. Wat weten we wel?

Hoe het eind begon

Op 8 december 1941, rond zes uur ’s ochtends, kwam er een telegram binnen dat alle marine-eenheden in Nederlands-Indië op de hoogte stelde: de oorlog met Japan was uitgebroken. Nederlands-Indië zou het volgende grote strijdtoneel worden, want de Japanners wilden de archipel zo snel mogelijk veroveren vanwege de olie en grondstoffen. Voor Karel Doorman zou dit een loodzware verantwoordelijkheid worden. Zijn missie: voorkom dat Japan binnendringt en troepen aan land zet.

Diezelfde ochtend nog werden er noodmaatregelen uitgevoerd. De dekken van de De Ruyter werden grijs geschilderd, brandbare en overbodige voorraden gingen van boord. Op 11 december, slechts drie dagen later, waren de De Ruyter en de begeleidende schepen klaar voor actie bij de Kangaeilanden. Precies toen bij Karel Doorman dysenterie werd vastgesteld…

Adelborst der eerste klasse Karel Doorman - NIMH

Hoe zijn leven begon

Maar wie was de man die ziek werd terwijl zijn mannen de schepen, en zichzelf, klaarmaakten voor oorlog? Zijn verhaal begint als volgt: Karel Doorman werd op 23 april 1889 in Utrecht geboren in een familie waar het dragen van een uniform vanzelfsprekend was. Zijn vader was legerofficier en zijn broer werd ook militair. Hij groeide op in een katholiek gezin, was erg intelligent en had een opvallend sociaal vermogen om contacten te leggen. Tegelijkertijd werd hij beschreven als een ongeduldige jongen en een waaghals.

Zijn keuze voor de zee kwam vroeg. Op 17-jarige leeftijd, in 1906, werd hij adelborst bij het KIM in Den Helder. Vier jaar later vertrok hij als officier voor de eerste keer richting Nederlands-Indië. Maar, zijn blik ging al snel verder dan het dek alleen.

Pionier

In 1914 deed hij een verzoek tot plaatsing bij de vier jaar jonge Luchtvaartafdeeling in Soesterberg. Ook daar stond hij bekend om zijn vlotte omgangsvormen. Op foto’s is hij regelmatig omringd door leeftijdsgenoten te zien. Hij voetbalde in het vliegers-voetbalteam en was te vinden bij sociale gelegenheden en in cafés met zijn medevliegers.

Zijn vliegbrevet volgde in 1918. Daarmee werd hij een van de eerste marineofficieren met een vliegbrevet en een pionier in de marine luchtvaart. Op vliegkamp De Kooy in Den Helder werkte hij onder andere als strenge maar rechtvaardige instructeur. Hij was een man die opleidde, corrigeerde en goed voorbereidde. Hij had nog een lange carrière voor zich liggen voordat hij die laatste opdracht kreeg.

Karel Doorman in Soesterberg
Karel Doorman en medevliegers in Soesterberg, in groep eerste en tweede van links - NIMH

Zijn keten van functies

Terwijl zijn loopbaan zich ontwikkelde, veranderde ook zijn persoonlijke leven. Hij trad in 1919 in het huwelijk met Justine Schermer. Samen kregen zij twee zoons en een dochter. Datzelfde jaar liep hij vermoedelijk zijn chronische blessure op. Hij zou in een wak zijn geschaatst, wat hem blijvende pijn in zijn armen en rug bezorgde. Mede hierdoor moest hij zijn vliegloopbaan opgeven. Tegelijkertijd namen de bezuinigingen op de Marine Luchtvaartdienst erg toe.

In plaats van stil te blijven staan, koos hij voor verdieping. Hij besloot verder te studeren aan de Hogere Marine Krijgsschool en breidde daar zijn kennis in krijgswetenschap uit.

Reis naar Oost-Indië en verblijf daar met helemaal rechts afgemeerde oorlogsschepen - NIMH

Wat volgde waren jaren waarin zijn functie hem telkens ver van huis bracht. Hij diende opnieuw vier jaar lang in Nederlands-Indië. Daarna werkte hij drie jaar bij het Departement van de Marine in Den Haag. Vervolgens vertrok hij voor de derde keer naar Nederlands-Indië, dit keer als commandant van een nieuwe mijnenlegger en twee torpedojagers. Hij klom op tot kapitein-luitenant-ter-zee. In 1934 werd hij chef van de staf der zeemacht op Willemsoord in Den Helder.

Zijn carrière liep voorspoedig, maar privé hield zijn huwelijk geen stand.

Schout-bij-nacht Karel Doorman - NIMH

Hij scheidde van Justine Schermer en hertrouwde met Isabelle Heyligers. Daarmee kreeg hij nog een zoon. Doormans vierde en laatste vertrek naar Nederlands-Indië volgde drie jaar later. Daar kreeg hij het bevel over de Marine Luchtvaartdienst, die hij hard trainde tot een hoge graad van geoefendheid. Het was hem duidelijk hoe belangrijk het vliegtuig zou zijn in oorlogsvoering.

Zijn bevordering tot schout-bij-nacht kwam in mei 1940. Al twee jaar later kreeg hij van Viceadmiraal Helfrich die fatale opdracht die hem weinig keus liet: val de Japanse invasievloot aan. Zelfs al was de luchtsteun onvoldoende, de onderlinge communicatie gebrekkig en zijn bemanning uitgeput.

De aaneenschakeling

De Karel Doorman die in 1941 de diagnose dysenterie kreeg en rondliep met een chronische blessure, was nog altijd de man die zijn bemanning goed voorbereidde. Zijn gezondheid hield hem in Nederlands-Indië dan ook niet tegen hard mee te werken aan de voorbereidingen voor de oorlog.

Doorman wist als geen ander hoe cruciaal luchtverkenning was en dat de Japanners over uitgebreide luchtverkenning beschikten. Dit ontbrak juist grotendeels aan de geallieerde kant. In eerste instantie werd dan ook besloten de confrontatie met de Japanse invasievloot alleen ’s nachts aan te gaan, om de Japanse marine dat voordeel te ontnemen. Slim bedacht, maar de Nederlandse vloot was simpelweg te klein om de Japanse vloot alleen te weerstaan. Een geallieerde samenwerking volgde: het American-British-Dutch-Australian (ABDA)-Command.

De laatste bespreking van SBN Doorman met de commandanten van de Striking Force te Soerabaja - Marinemuseum

Deze samenwerking had vele uitdagingen. Door de wisselende commandostructuur haperde de communicatie enorm en Doorman had amper beschikking over de geallieerde codes en seinmiddelen. Ook waren er geen duidelijke afspraken over tactieken of luchtdekking. Doorman rapporteerde hier uiterst kritisch over en waarschuwde dat deze manier van werken enorme risico’s opleverde voor zijn schepen. Zijn bezwaren veranderden weinig. Het enige wat veranderde: nog meer wisselingen in de commandostructuur.

De situatie in de archipel verslechterde snel. Singapore viel en daarmee verdween een groot deel van het laatste beetje geallieerde luchtsteun.

Bemanning van de De Ruyter

De De Ruyter had geen eigen vliegtuig meer aan boord. Doorman wist precies hoe kwetsbaar zijn eskader nu was. Hij ondernam verschillende acties en keer op keer moest hij zich terugtrekken tegen de Japanse overmacht. De bombardementen namen toe en de near-misses stapelden zich op. Paniek en desertie namen toe, de mannen waren op en toch moest Karel Doorman hen op de been houden voor wat nog komen zou. De geallieerde Combined Striking Force was sterk verzwakt en in de minderheid, maar nog steeds naderde de Japanse invasievloot.

De Slag in de Javazee

In de middag van 27 februari 1942 kwam de Combined Striking Force in contact met het Japanse eskader dat de oostelijke landingsvloot begeleidde.  Er ontstond een fel artilleriegevecht.

De geallieerden kwamen voor een nare verrassing te staan. De Japanners beschikten over langeafstandstorpedo’s met een bereik van meer dan 20 kilometer. Door de Japanners werd hevig gevuurd, maar de torpedo’s van de geallieerde vloot waren nog niet binnen vuurbereik.

Na het artilleriegevecht van een uur zonk de geallieerde torpedobootjager Hr.Ms. Kortenaer door een torpedotreffer. Een Japanse granaat trof de Engelse kruiser HMS Exeter in een ketelruim, waarna de kruiser de linie verliet om het schip te repareren. De vijandelijke torpedo’s van de Japanse vloot maakten dus ineens vlak achter elkaar twee voltreffers. De overige schepen volgden de Exeter, waardoor de geallieerde linie verloren dreigde te gaan.

Lees meer
Hr.Ms. De Ruyter in De Slag in de Javazee van Maarten Platje en details - Marinemuseum
Kruiser Hr.Ms. De Ruyter (1936-1942) vurend met alle torens - NIMH

Doorman liet vervolgens vanaf de De Ruyter het beroemde sein “ALL SHIPS FOLLOW ME” geven, waarna het eskader weer enigszins in het gareel raakte. Kort daarna laste Doorman een gevechtspauze in en voer de Combined Striking Force terug richting Soerabaja. Na deze koerswijziging was de exacte locatie van de vijand voor de geallieerde vloot wederom onbekend.

Ondanks groot verlies aan slagkracht bleef Doormans opdracht nog van kracht. In de avond moest hij het gevecht weer aan gaan. Rond 23:00 kreeg hij de Japanse vloot weer in zicht en de tweede korte en verwoestende strijd begon.

In de golven van de Javazee

Hoe Karel Doorman precies stierf is nog steeds omgeven door mysterie. Sommigen zeggen dat Karel Doorman als ware marineman aan boord van de De Ruyter ten onder gegaan is. Anderen geven aan hem van boord te hebben zien gaan. Weer anderen menen hem gewond in een reddingsvlotje te hebben gezien voordat hij om het leven kwam.

Het antwoord op wat er die avond precies gebeurde, is samen met Karel Doorman en zijn vlaggenschip De Ruyter in de golven van de Javazee verdwenen.

Het zeemansgraf

Het duurde ongeveer drie uur tot de Hr.Ms. De Ruyter zonk. Zestig jaar later lag het scheepswrak nog op de bodem van de Javazee. Het was een zeemansgraf voor een groot deel van de 918 bemanningsleden van de Nederlandse marine die sneuvelden in de Javazee, waaronder Karel Doorman.

In 2002 zijn de wrakken van schepen uit De Slag in de Javazee teruggevonden door een Australisch duikteam. Als bewijs namen zij een aantal artefacten mee naar boven, waaronder de scheepsbellen van de kruisers De Ruyter en Java. Toen het Karel Doorman Fonds in 2016 voor de 75e herdenking van de slag ook een duikexpeditie naar de wrakken deed, bleek dat er enkel nog sporen van de schepen waren achtergebleven. Vermoedelijk hebben illegale duikers het staal uit het zeemansgraf geroofd en verkocht als schroot. De scheepsbellen van de De Ruyter werden daarvoor gelukkig gered.

 

Nadat één van deze bellen lange tijd in het Marinemuseum in de herdenkingsruimte van De Slag in de Javazee heeft gestaan, ligt deze nu in ons depot. In het vernieuwde Marinemuseum zal deze bel weer een belangrijke rol krijgen, zoals hij al jarenlang gehad heeft.

In de tussentijd wordt deze bel nauwkeurig in de gaten gehouden om te observeren hoe het bronsstaal reageert na decennialang op de zeebodem te hebben gelegen. Zelfs nu is het verhaal van het vlaggenschip van Karel Doorman dus nog niet uitverteld. Dat is de invloed van de zee, die houdt het verhaal in leven.